tijdcapsule
Verhalen

Tijdcapsule

“Hier oma” zegt Joly “wil jij dit blikje openmaken”

Ik herken het blikje dat ik voorzichtig uit de handen van mijn kleindochter haal en kan nog net het woord tijdcapsule lezen die ik er met watervaste stift heb opgeschreven.
Ik ga even op een hoop stenen zitten en kijk om me heen. Hier stond mijn huis voordat  de bommen vielen. Hier woonde ik voor de derde wereldoorlog.

Mijn handen trillen meer dan normaal als ik mijn het kistje open. Ik haal er 2 wascokrijtjes, een paar stukken krantenpapier, een springtouw,  2 plastic rollerskates, een boek van Pippi Langkous en een briefje uit.

Ik lees het brief. In een kinderhandschrift staat lees ik:

Lieve lezer

Het is nu 24 december 1988. Ik stuur dit blikje naar de toekomst. De krijtjes zijn om te laten zien dat we nu kleuren hebben, die zijn er vast niet meer in de toekomst. Roze is mijn lievelingskleur. Oranje stop ik er in omdat dit jaar het Nederlands elftal kampioen is geworden. In de toekomst voetballen we vast niet meer. Ik vind het een domme sport.  Ook is er een bom ontploft in een vliegtuig, een booreiland heeft weken in de fik gestaan en  het was eerste wereld aids dag.  Alles verbrand, denk ik, in de toekomst of gaat dood. 
De rollerskates pas ik niet meer, misschien ken jij een kind dat er iets aan heeft.  Pippi is leuk maar ik heb 2 boeken en vind je het roze spring touw mooi?  

groetjes Daantje. 

“Oma? kom je, we moeten verder”zegt jody.  Ik sta op en stop alle spullen in de kist die Jody draagt.  Het briefje moffel ik weg.
“Goede vangst, hoor oma” Zegt mijn kleindochter. “Papa zal trots zijn op onze bijdrage vandaag.”
Ik  glimach naar haar. Ik vraag me af wat er met de spullen gedaan gaat worden, maar er zal zeker geen kind meer mee spelen.

Dit verhaal is geschreven voor de wekelijkse schrijfopdracht van schrijvenonline .



Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *