Gedichten,  overig

Schaatsen

Ik snij over het ijs
zonlicht speelt met mijn gezicht
pirouetjes, zwevend, sprongen,
draaiend, draaiend amper nog in evenwicht

Lachend, giechelend en buiten adem,
mijn dans vertraagd.
Sporen in het ijs die kruisen
en mijn zorg vervaagd

Het ijs dat kraakt soms, barsten breken,
gevoelens barsten los, terwijl ik glij,
pirouetjes, zwevend, sprongen,
op het ijs voel ik mij vrij.

Ik heb de zomer in mijn hart
als ik schaatsenrij in de winter.
Als het kon dan wil ik schaatsen
van Delfszijl tot Heeswijk-Dinther

Lachend, giechelend en buiten adem,
Mijn hart ademt terwijl ik glij.
Ik kies voor eeuwig bevroren sloten
want op het ijs voel ik mij vrij.




Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

%d bloggers liken dit: